Zilver-Linde

Trots op mijn vriendin Zilver-Linde, die schoon dingen maakt en die haar juwelen fijntjes weet te draperen rond de nieuwe voorzitster van Groen.
Ik had de eer om vorige week wat fotootjes te maken van dit mooie multifunctionele juweel. Heerlijk zo van die multiple combineerbare pareltjes…
En wat droeg de de verse voorzitster Meyrem de dag nadien bij de Zevende Dag?
Ze maakt geweldige dingen, die Carolinski!

IMG_3487

IMG_3493-2

IMG_3522

IMG_3629-2

IMG_3637

IMG_3466-2

Ik krijg het niet in een filmpje op de blog, maar je kan wel doorklikken naar het fragment van de Zevende Dag…

http://deredactie.be/permalink/2.36488?video=1.2149682

De voordelen van een hoekstoep

Sinds kort hebben wij een hoek. Een hoekhuis met een stukje hoekstoep, zeg maar.
Bij gebrek aan tuin is het een beetje onze ‘buiten’. Als we nu naar ‘buiten’ willen, kan dat dus gewoon op den dorpel.

Om het beeld dat mijn kinderen van hun moeder hebben een beetje bij te sturen heb ik ze vandaag aan het werk gezet op onze dorpel. Nu moet ik een paar feiten over mezelf bekennen: ik ben
a) nogal chaotisch van aard,
b) in feite niet zo handig,
c) regelmatig te laat, of nipt op tijd en
d) helemaal niet zo’n geduldig type.
Omdat mijn kinderen dat dus niet per se nu al allemaal moeten weten, leek het mij een prachtig moment om al te beginnen aan onze kerstboom. Alleeja, onze ‘maakboom‘.
Ruim op tijd, het geeft blijk van organisatie en planning en ik kan nadien met de pluimen gaan lopen van het prachtige werk dat zij geleverd hebben. We hebben bovendien een goedkope ecologische boom voor december. Ze zijn weer een halve dag bezig. Zij hebben een mooi – doch niet helemaal correct – beeld van hun moeder, dat mogelijks nog wel een paar jaar standhoud. Kortom: Win win voor iedereen!

Het beeld dat ik van de activiteit had klopte alleen niet zo met de werkelijkheid… Die zaten dus niet stil en braaf te schilderen terwijl ik andere dingen kon doen. Nee, ze vochten voor plankjes, schilderden hun schoenen parelmoer zilver, eisten voortdurend verf bij, gooiden het water om, rolden door de verf en smeerden de verf op de auto. Het idee dat ze een geduldige moeder hebben zal helaas niet zo lang standhouden, vrees ik.
En wat het eindresultaat zal worden, dat is nog even af te wachten, maar de jongens hebben alleszins een mooie aanzet gegeven…

IMG_3406

IMG_3408

IMG_3414

IMG_3415

Om de zenuwinzinking te counteren die het knutselwerk met zich mee dreigde te brengen heb ik mij in de mate van het mogelijke beziggehouden met het van de hand doen van het naaitafeltje dat hier in de kelder achtergelaten was door de vorige eigenaars. Niet dat het op tweedehands.be veel zal opbrengen, maar het blijft iets geweldigs…
En het leidde me toch even af van de twee schavuiten die tegen dan met verf in hun haar met stokken door de straat liepen brullen…

IMG_3431

IMG_3421

IMG_3429

IMG_3433

IMG_3419

IMG_3425

IMG_3436

De vergissing

Grijs ochtendlicht tekende driehoekige schaduwen op de muren. Het geluid van een bus passeerde.
Ik maakte me zorgen.
Het ging ‘allemaal’ niet goedkomen. ‘Alles’ liep mis. Ik doorleefde al helemaal de rechtszaak bij de vrederechter, ik hoorde de stemmen al bijna. Ik bevocht al de armoede die op mijn gezin afstevent, en alle bijbelse catastrofes die ons huis in verbouwing nog te wachten staan. Het ritme van mijn hart liep in een stevige draf door de muizenissen en de verbeelde demonen. Stress kriebelde achter mijn oren.

En opeens. Het leek of er knetterde iets in mijn hoofd. Ik voelde opeens precies iets stromen, een gekke chemische verbinding die een verkeerde route nam in mijn hoofd. Een hapering, een trilling, een bijna tastbaar of hoorbaar hersenfenomeentje.
Zou ik een hersenbloeding krijgen of zo? Een infarct? Misschien kan ik straks niet meer praten. Lig ik subiet in het ziekenhuis. Word ik iemand wiens tong altijd uit zijn mond hangt. Wiens linkerhelft verlamd is, waardoor er altijd een straaltje speeksel langs mijn mondhoek naar mijn kin stroomt.

Ik wachtte…
Er gebeurde niks meer. Het geknetter had zich niet verdergezet.
En toch had ik de hersens in mijn schedel voelen zitten. Als gebraadje in een stoofpot.

Ik besefte.
Stel dat ik inderdaad ‘iets’ had gekregen. Dan had ik mijn laatste bewuste en gezonde ogenblikken verspild aan dwaze zorgen. Aan nodeloos gepieker over zaken die ik onmogelijk kon oplossen daar in dat bed, tussen de schaduwen van het zondaglicht. Wat had dat een triestig aspect aan mijn hersenbloeding geweest. Dat ik niet van het leven had genoten tot het moment daar was. Dat ik mijn gezondste momenten gratis had weggegeven aan mijn idiote angsten.
Ik ging rechtop zitten.
Mijn man lag naast me, in een heerlijke ontspanning en zacht, nog een beetje verder te slapen.
Mijn jongste zoon kwam binnengeslopen. Met een stralende lach op zijn gezichtje. ‘Dag lieve mama,’ fluisterde hij.

Ik zou weer wat dankbaarder zijn. In het hier en nu blijven. Wat er nu is, is het enige dat er echt is. en in dat nu zijn het vooral licht, natuur en kinderen. En de liefde van mijn lief. Gezegend ben ik. Ik zag het weer even niet door dat dik lelijk gordijn van zorgen. Ik had me bijna vergist in wat belangrijk is en wat niet. Wat een vergissing…

IMG_3169

IMG_3224

IMG_3257-3

IMG_3324

IMG_3325

IMG_3331

IMG_3338

Voor altijd de laatste

‘Allebei enig kind?! Ah, egoïstjes dus…’
Het was een grapje dat zowel bij Sventikov als bij mij even bezinktijd nodig had. We lachten. Maar vooral omdat het de waarheid was.

We hadden nog geen kinderen. We stonden in Simferopol in Oekraïne, en ik had twee uur voordien met mijn wagen een soort van openbaar vervoerbus geramd. De chauffeur van de bus bleek toch de kwaadste niet toen hij die blonde griet zag staan bleiten aan haar autowrak. We werden uiteindelijk vrienden. Vova en wij.

Sven en ik gingen misschien wel kinderen kopen, maar toen was het allemaal nog ver van ons bed.
Los van alle verhalen die aan die Oekraïense historie nog vasthangen was Vova’s grapje over egoïsten een bepalende factor. Boris werd geboren in 2010, maar de beslissing viel dus al in 2005. In Simferopol.

We wilden van onze eerstgeborene, Tadeusz, een kind maken dat buiten zichzelf kon denken. Weten wat het is om te delen, om samen te zijn, om een unieke relatie te hebben met een broer of een zus. Er is niks mis met enige kinderen, vind ik, maar we wilden graag ons persoonlijke egoïsme doorbreken. Het zinnetje van Vova was blijven hangen. Bovendien leek het ons ook wel handig. Dat ze samen konden spelen, elkaar bezighouden.

Tegenwoordig ben ik vaak bezig met de impact voor Boris. Ik dacht vroeger altijd na over het effect op mijn eerstgeborene. Het is pas bij de komst van Boris dat ik me in zijn positie kon verplaatsen. Het kleinebroerzijn heeft een fundamentele impact op zijn karakter.
– Hij zegt dingen die zijn broer zegt, ook al begrijpt ie er de ballen van. Hoeveel verhalen ik hoor die zijn broer dertien seconden ervoor ook heeft verteld, dat wil je niet weten. En kwaad zijn als je dan niet goed luistert…
– Hij doet zich stoerder, sterker, en franker voor als zijn broer in de buurt is. Zijn eigenlijke zachtaardige karakter wordt helemaal verdrukt door de competitie met zijn grote broer. Zoveel flauwekul dat daar uitkomt. En kwaad zijn als je dan niet serieus luistert.
– Hij leert veel dingen sneller (tellen, letters, spelletjes), maar ook veel dingen veel trager (de afstandsbediening van de tv bijvoobeeld. Dat doet zijn broer altijd, de noodzaak om het zelf te kunnen valt weg.).
– Naar het schijnt hebben tweede kinderen niet de stress om van de eerste positie verstoten te worden en gaan ze daarom wat zorgelozer en creatiever om met de regels. Zo voelt het voor mij althans ook!
En ik moet nog vaak denken aan dat wedstrijdje op de trap, een half jaar geleden, waarbij Boris voorbij gestoken wordt door zijn grote broer. Hij begon te wenen, liet zijn schoudertjes hangen, en zei tegen zichzelf: ‘ik zal altijd de laatste zijn…’

Gelijk opvoeden is onmogelijk.
En toen ik Boris vroeg wat hij van zijn grote broer vond antwoordde hij: ‘Leuk. Hij speelt een spelletje met mij.’
Misschien denk ik er gewoon teveel over na. Hij heeft iemand die een spelletje speelt met hem. en is dat eigenlijk niet hetgeen we allemaal willen?

IMG_3142

Fris uit de coma – de ijsbeer

Ik zou hier dus een heel verhaal kunnen ophangen over mijn terugkeer. Excuses over de lange stilte, uitleggen waarom deze blog zolang in een kunstmatige coma heeft gelegen, wat bedenkingen over mijn virtuele relevantie enzovoort.
Maar daar heb ik vandaag geen zin in.
Ik mis het bloggen. Voila. Dat moet genoeg uitleg zijn.
En ik ben toegetreden tot een speciaal genootschap, waar ik mijn hart verloren ben. En waar mijn hart van vol is, daar loopt mijn blog van over. Zo was het, en zo wordt het hopelijk terug…

De ijsbeer:
Ken je dat, die mensen die tot aan hun knieën in de zee gaan? De schouders wat opgetrokken, de billen bijeengeknepen, die met hoge stemmetjes een in een langdradig proces te water gaan. Zo was ik ook.
Tot afgelopen zomer.
Ergens is iets geklikt. Aan de ecologische zwemvijver in het Boekenbergpark. Mijn stiefzus zei: ‘Je moet er gewoon ingaan.’
En opeens snapte ik het. Ik moest er gewoon ingaan. Niet bij nadenken. Ik ging erin en ben er blijven ingaan.
Boekenberg is een prachtige ecologische vijver, de grootste van Europa, omzoomd door bomen, met frisgroen helder water, waar libellen over helikopteren, waar de tijd even pauzeert. In de zomer gratis, in de winter alleen toegankelijk voor ijsberen…

IJsbeer worden was zeker niet evident voor mij, m eenmaal toegetreden blijkt het een wonderbaarlijke sensatie met duizend verrassingen. Ik ben nog maar een baby-ijsbeertje, alle ijsbeergeheimen worden druppelsgewijs aan mij geleerd, maar een paar dingen heb ik wel al geleerd en ondervonden:

1. IJsberen is een echte sport. Ik zwem misschien maar 150m, maar door het koude water werkt mijn lichaam drie keer zo hard. De kilo’s druipen van me af, gewoon door mezelf tien minuten onder te dompelen in koud water.

2. Het koude water zou de koudesensoren in ons lichaam activeren wat een losbarsting van adrenaline geeft. Het zou een natuurlijke pijnstiller zijn, de witte bloedcellen verhogen enz.

3. Er zijn veel oudere mensen die ijsberen. Nochtans is het echt geen oudemensenclub. In het water wordt iedereen weer jong. Het lijkt eerder een troep jonge meisjes. Zelfs negentigjarige vrouwen, die met rolator tot aan het water schuifelen, veranderen in sprankelende zeemeerminnen van zodra ze in het water zitten. En daarnaast zijn er ook steeds meer jonge mensen die het koele water induiken. En vaak doen de oudjes dat nog eleganter ook.

4. IJsberen kunnen niet per se beter tegen de kou. Als de douches niet warm worden, dan moet je die horen mopperen over het koud water :-)

5. De buitenwereld verklaart een ijsbeer meestal voor gek. Het lijkt erop dat je het pas kan begrijpen als je het doet. Eenmaal in de club worden er lustig weetjes uitgewisseld en wordt er over de buitenwereld gesproken met enig medelijden.

6. Het water van Boekenberg voelt voor mij aan als puur goud. Nooit eerder ben ik mij zo bewust geweest van de streling van het water.

7. Onderkoeling is er snel. Het is belangrijk om er tijdig uit te gaan. Ik heb al eens een hele dag met een koude linkervoet rondgelopen. En ook al eens met tintelende ellebogen. De al iets verder gevorderde ijsberen dragen duikerskousjes en -handschoenen. Het zijn de uiteindes die snel afkoelen.

8. IJsberen zijn niet dik. Integendeel. Je hoeft geen zeehondenvetlaag te hebben.

9. Jezelf afdrogen en aankleden vereist denkwerk op voorhand. Dat gaat best snel als je er eenmaal uitbent.

10. IJsbeer worden dat bouw je best op. Gewoon blijven doorzwemmen na de zomer. Eenmaal dat er teveel tijd tussenzit haken heel wat mensen af. Ik probeer drie keer per week te gaan. De afkoeling van het water is dan geleidelijk. Nu is het water 14,7°c. Ik herinner mij nog de schok van toen we onder de 20°c gingen. Wat een gil zal ik slaken als het onder de 10°c gaat.

Maar algemeen is het een echte aanrader. Mijn temperatuurhuishouding is gewoon veel beter. Ik verbrand beter, voel mij sterker, minder vatbaarder voor ziektes. En het geeft een echte rush. En zonder dat zwemmen zou ik die verbouwing/verhuis niet overleefd hebben, denk ik… Ik ga eigenlijk iedere week drie keer een half uurtje op vakantie.

Mijn blog komt uit de coma. Ik maak ‘m wakker met koud water…
10727401_573825939389680_1183869910_n

10735105_1562562297298999_132060236_n

Stofwolk

Stillekes hier he.
Dat komt door verbouwingen.
Ik zie heel wat bloggers regelmatig foto’s posten van verbouwingen. Uitgebroken keukens, omgespitte tuintjes, enz.
Dapper vind ik dat.
Want bij mij is de zekerheid en onzekerheid maar dun. Tussen staan en crashen. Tussen optimisme en een bijnazenuwinzinking. Dingen die mij actief kunnen raken, waar mijn beïnvloedbaarheid groot is, mijn meningen nog niet volgroeid, die houd ik meestal nog wat privé. Het is pas als mijn twijfels doorleefd zijn, en zich gezet hebben, dat ik het op mijn blog gooi.
Daarom zie je hier geen foto’s van stof, van tegels, en vloeren in de afgelopen weken.
Daarom is het hier gewoon een beetje stil.

Ik heb het ook te druk met het nieuwe jargon dat ik mij eigen moet maken. Lintelen. Lateien. Galvaniseren. Ondervloeren. Egaliseren. Vier carré. Allerlei waarden, getallen, afmetingen, diktes, dieptes. Dakgoten en afvoeren. Gaten in de vloer. Vreemde kabels. Onmogelijke douches. Stofwolken.

Een kennis van me zei: “Van verbouwen krijg je een ‘frons.'”
De laatste keer dat ik haar zag, lachte ik haar toe: “ik heb nog altijd geen frons, hé!”
Dat was juni.
Nu is ie er wel… De ‘verbouwfrons’.

foto 1

foto 2

foto 3

Mààr ik heb wel een nieuwe fascinatie. Iets wat mijn dagen verfrist.
Daar wil ik gauw iets over vertellen… Heel gauw…