Maandagdinsdag

Boris de Verschrikkelijke, ons jongste gezinslid, begint langzaam maar zeker een zittender leven te leiden. Altijd zo plat op uwe rug dat is het niet. Hij trainde zijn buikspiertjes de laatste weken al vinnig door te proberen om vanuit een liggende positie naar een zittende te gaan. Of toch tenminste te kijken wat er zoal gebeurt in de kamer. Maar sinds een week of twee begint dat zitten ook echt wat te vlotten. Hij heeft nu de geneugten van de ‘plastieken fles’ ontdekt. Hij werpt zich helemaal om het ding te overmeesteren. En als hij kon hij zou ze helemaal in zijn mond steken.

Tadeusz de ‘Grote’ geniet van zijn vakantie. Hij is op een brandweermannen-plitie-toeta-toer. Hier ziet u hem met de spuit in de weer. Gelukkig voor mij was niet alleen de brand fictief, maar ook het blussen…

Het is dankzij Tadeusz dat ik af en toe eens in de tuin kom. Als we ooit een tof huis kopen hoop ik wel dat het geen bel-etage is. Ik kom uit mezelf bijna nooit in de tuin. Leuk om naar te kijken, maar de trap af dat doe ik bijna nooit. Maar Tadeusz trekt me ‘s ochtends wel mee. Hij bedenkt altijd wel een grote noodzakelijkheid om naar beneden te gaan. Het is nochtans wel prettig in ons kleine stadstuintje.

De kiwiboom krijgt al nieuw blad en onze varens zijn al helemaal aan het ‘ontkrullen’:

En we hebben wel wat fotogenieke achtergrondjes ook, vind ik:

Omdat het schoolvakantie is had ik een stukje week verlof genomen om mij ervan te verzekeren dat Tadeusz zich eens goed vuil zou maken en dat hij aan de smaak van het zand de speeltuin weet te herkennen. Ik mag wel een toffe moeder lijken omdat ik in de vakantie met mijn kind naar de speeltuin ga, maar in feite is dat toch vooral opportunisme. Ik wil gewoon zeker zijn dat ie uitgeput is zodat hij ‘s nachts slaapt. En hem uitdagen (durf jij ook op je buik van de glijbaan?) is minder vermoeiend dan hem thuis te moeten wegjagen (Laat mama gerust, ik wil aan de computer zitten.). Dat vuil worden is een makkie.

Dat hij er hier schijnbaar wat depressief bij hangt heeft vooral te maken met de net ontvangen boodschap dat we huiswaarts keren…

En sommige mensen doen zichzelf toch heel wat aan om nog mee te kunnen met de jeugd:

We gingen ook nog kijken naar een appartement. We zijn wel op zoek naar een huis (liefst geen bel-etage dus), maar de wanhopige zoektocht leidt ons van tijd tot tijd al wel eens naar een ‘blokske’. In dit appartementsgebouw woonden nogal veel kinderen. In dit ‘bijkamertje’ van de inkomhal stonden al veertien buggy’s! En in de gangen rondom stonden er nog gemakkelijk zes.

En verder rende ik nog achter de ontsnapte Tadeusz aan op het terrein van het recyclagepark:

Ik maakte overigens geen foto’s van
- de slechts 4 uur slaap die ik vannacht had
- de begrafenis die ik bijwoonde
- het hoekje van de parking aan de kringloopwinkel waar Tadeusz er toch in slaagde zijn broek te ‘beplassen’
- de eigengebakken appelflappen van mijn bazin
- mijn slecht humeur vanochtend
- mijn gymnastieklesje

Ik heb precies een ongestoorde nachtrust verdiend…