Geparkeerd

Het verkeer is een jungle. Tussen alle verkeersborden en wegmarkeringen slalommen samen met duizenden anderen. Iedere chauffeur heeft zijn eigen zwakke plekken, blinde hoeken, en een andere frustratiegrens. De een neemt zijn bochten ruim, de ander kort. Bent u een ‘snelle optrekker’? Pinkt u bij het wisselen van rijstrook? Vindt u van uzelf dat u hoffelijk bent? Predator of bangeschijter? Met al die wisselende autowaarden en normen is de baan soms een echte flipperkast. Het verbaast me dat er zo weinig gebotst wordt.
Ik zit veel in de auto. Ik zie mezelf als een redelijk brave en rustige chauffeuse. Ik zou voor veel uitstapjes de fiets kunnen nemen, maar ik kies toch te vaak voor de vervuilende vierwieler in plaats van de conditiebevorderende tweewieler. Dat belast mijn geweten wel. Dat ik niet met een diesel rij helpt een beetje. Dat ik een zuinige chauffeur ben ook. En door dit stralende weer zijn mijn fiets en ik weer wat dichter bij elkaar gekomen.

Er is veel te vertellen over het verkeer. Veel meningen, veel wilde verhalen, veel middelvingers.
Ik maak me bijvoorbeeld kwaad in stoutparkeerders. Mensen die teveel plaats laten bij het parkeren en zo het aantal parkeerplaatsen in een straat verminderen. Parkeerders die drie plaatsen innemen. Grote ego’s. Of angsthazen. Of scheelkijkers.

In een stad als Antwerpen is er altijd te weinig plaats en we moeten wat economischer met die plek omspringen. Creatief met de schaarste omgaan. Zo is bijvoorbeeld de regel dat je minstens een halve meter moet tussenlaten ten opzichte van de wagen voor en achter je. Ik vind dat een slechte en stoute regel. Ik vind dat je net een boete moet krijgen als je méér dan een halve meter tussenlaat.

Ik weet wel dat parkeren voor velen niet eenvoudig is, en die mogen van mij wel wat marge krijgen, maar opzettelijk te ruim parkeren, uit gemakzucht of egoïsme dat gaat er bij mij niet in. Ik ben een ‘niptparkeerder’. Ik zet me in de kleinste gaatjes.
Mijn moeder zei vroeger altijd dat ‘eigen lof stinkt’. Da’s waar. Ik wil toch graag even stinken. Ik was er namelijk zelf van onder de indruk.
Van den eerste keer. In drie bewegingen. Met alleen een minimaal kusje aan de mini. En u kan vaststellen dat de wagen voor mij zelfs een haak heeft. Ik moet er wel bijzeggen dat de wagen voor en de wagen achter mij ruim anderhalve meter overhadden aan de andere kant. Ik heb ze dus niet vastgezet. Wie hoor ik nog zeggen dat vrouwen niet kunnen parkeren?


Advertenties

26 gedachtes over “Geparkeerd

  1. Idd goed gedaan. En groot gelijk in verband met dat parkeren en die halve meter voor en achter. Nu, soms ligt het niet altijd aan de chauffeur van een bepaalde auto hoor, dat ie veel plek inneemt. Ik zet soms mijn wagen ergens tussen… en dan een aantal dagen later lijkt het wel alsof ik hem geparkeerd heb in een gat waar twee wagens hadden kunnen staan.

    • @ smiley: ja da’s waar. ik besef dat ik in feite alleen maar kwaad kan zijn op diegenen die het aan het begin van een parkeerstrook doen. daar geldt dat excuus niet (er staan tekeningetjes bij de link naar de stoutparkeerders).
      we moeten mild blijven. kwaai mensen, die parkeren volgens mij ook minder goed… 🙂

  2. Als je erin geraakt, dan geraak je er vast ook weer uit. Alleen ben ik blij dat ik dat niet hoefde te doen.
    Gelukkig kan ik ook goed parkeren, maar met een wagen die wellicht twee keer zo lang is als die van jou heb ik eigenlijk best veel plaats nodig. En ja, ik erger me ook als op de twee stukken straat waar bij ons drie auto’s kunnen staan, mensen zo slordig/egoïstisch parkeren dat er maar twee kunnen staan. Ik moet precies dringend bij de stad eens ijveren voor van die markeringen. Al is dat dan ook weer niet ecologisch, zeker?
    Soit, chapeau! Ge moogt terecht trots zijn op uw parkeerkunsten.

  3. amai straf, dat zou ik je niet kunnen nadoen. Ik haat ook die “asociale parkeerders” in ons straat waardoor er minder parkeerplaats is en ik dus enkel nog te kleine plekjes vind waar ik echt niet tussenraak. Want jouw parkeerkunsten heb ik echt niet

  4. Goed gedaan. Ik heb net een nieuwe auto en het ding heeft parkeersensoren. Dat is zóóóó’n overbodig gadget in de stad, dat ding begint al te piepen als er (denk ik, nog niet nagemeten) nog een centimeter of 80 is. Terwijl ik het hier ook moet doen met plaatsen die eerder 80 millimeter laten.

  5. Wauw! En dat enkel met je spiegels? Sinds 4 jaar hebben we een auto waarin een camera aanfloept als je de auto in achteruit zet. Dat is zo makkelijk, maar ik ben ondertussen de rijschool trucjes wel vergeten om ‘op je spiegels’ te parkeren.

    Ik word ook zo boos als ik mits wat schuiven mijn auto nog in de straat kwijt zou kunnen.
    Maar kom 😉

  6. Je hoort mij niet zeggen dat vrouwen niet kunnen parkeren. Je kunt ook niet blijven volhouden dat iemand die met twee kopjes een hele afwasmachine of aanrecht vol krijgt geen ruimtelijk inzicht heeft….

  7. Toen ik nog een stadsmus was, kon ik ook in zo’n piepkleine gaatjes kruipen. Helaas verleer je dat snel eens je ‘op den buiten’ woont. Misschien moet ik er mij af en toe nog eens wat in oefenen…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s